Souhail Chaghouani: “Add yourself, dat is mijn motto”

Talent aan het woord: Dat is het thema van PublicSpirit voor 2018. Welke mensen maken al jong het verschil? Wat drijft hen; hoe realiseren ze hun ambities? Hoe gaan ze om met hun grote verantwoordelijkheden? We geven in het komende jaar het woord aan tien jonge succesvolle vrouwen en mannen die werkzaam zijn in de werkvelden waarvoor PublicSpirit zich inzet. We verheugen ons erop hun inspirerende verhalen aan u te presenteren op onze website. We geven het woord aan Souhail Chaghouani. Lees het interview hier of download de pdf. Ga naar Talent aan het woord voor een overzicht van alle interviews in de reeks.

Souhail ChaghouaniProfvoetballer wilde hij vroeger worden. Souhail Chaghouani (28) kon niet tegen verlies, had een grote drive om te willen winnen, wilde niet accepteren om in de middenmoot te blijven. Maar ja, met de Utrechtse club Elinkwijk de top bereiken, dat was niet echt haalbaar. Dus profvoetballer werd hij niet, maar hoge ambities en het vermogen om onconventioneel te denken, brachten hem al wel naar de toppositie van controller van de gemeente Utrecht. Hij werd in 2016 ‘Jonge Ambtenaar van het Jaar’, met als motto ‘’add yourself’’: Vanuit je eigen kracht jezelf toevoegen aan de organisatie en aan de gemeenschap. Bovendien staan de letters add bij Souhail voor authenticiteit, durven en dromen. De betrokkenheid bij voetbal bleef, maar die brengt hij nu in de praktijk als vrijwilliger. Wat hem ook zijn hele leven al vergezelt is de liefde voor poëzie en spiritualiteit, voor een belangrijk deel voortkomend uit zijn Arabische wortels.

 “De inspirerende verhalen van mijn opa”

Heb je dat ambitieuze van huis uit meegekregen? Souhail: “Vooral mijn moeder pushte ons altijd sterk om nooit genoegen te nemen met een zes. Van mijn vader wist ik hoe hij zich van afwashulp had opgewerkt tot chef-kok. Later had hij zelf ook restaurants, dat was ambitie pur sang, uiteraard gecombineerd met zijn talenten. Maar degene die mij het meest heeft beïnvloed was mijn opa. Hij was een imam in Marokko en had 14 kinderen en tientallen kleinkinderen. Elke zomer waren wij daar ongeveer een maand allemaal samen. Dan zaten we in een grote kring om hem heen in de grote tuin ademloos te luisteren naar de verhalen die hij vertelde. Het waren prachtige poëtische verhalen, vol waarden en wijsheden, waarvan ontzettend veel viel te leren. Niet dat hij ons dwong om dingen te leren, het was meer dat hij ons verleidde om de diepere betekenis van die verhalen te doorgronden. Het was zo inspirerend, daar put ik nog steeds uit. Net zoals mijn zus, neven en nichten. Je zou kunnen zeggen dat ik aan dat spirituele van mijn opa mijn koers ontleen. Ik kies er bijvoorbeeld bewust voor om voor de gemeenschap, de publieke zaak, te willen werken.”

Control: gedragswetenschap

Je werkt bij de gemeente Utrecht als Controller. Wat is jouw opvatting over het vak Planning en Control? “Ik zie het als een gedragswetenschap. Je laat zien welk effect het gedrag van de gemeente heeft op de burger. Natuurlijk heb je cijfers en getallen nodig, maar dat is niet de hoofdzaak. Het gaat erom de basale vragen te stellen die de verbinding maken met het doel waarvoor de processen dienen. Die verbinding moet je overeind houden, dat is de kracht van de controller. Het gaat dus niet om de geijkte standaardisatie, maar om het behalen van je doelstellingen. Als controller wil je bewaken dat de doelstellingen worden gehaald, maar ook dat dit gebeurt binnen de afgesproken kaders. Het helpt om dan van tevoren alvast na te denken over de risico’s, dan kun je je gedurende het proces juist op de inhoud richten.”

Eens per eeuw

Brengt deze opvatting je wel eens in een lastig parket? Souhail beaamt dat: “Neem het veelal verplichte doelmatigheidsonderzoek: Een verschrikkelijk ritueel waarin met cijfers wordt geschoven, maar wat heel snel betekenisloos wordt. ‘Het staat in de wet dat dat eenmaal per jaar moet gebeuren’, kreeg ik als vaststaand feit voorgeschoteld in een vorige werkkring. Toen ik opzocht hoe het precies in die wet stond, bleek er alleen te staan dat het periodiek moet gebeuren. Ik stelde dus voor om het een keer per eeuw te doen, dat is ook periodiek. Of liever altijd: Je moet immers altijd en voortdurend onderzoeken in hoeverre een handeling of uitgave in dienst staat van het doel dat je wilt bereiken. Daar werd toen vreemd bij opgekeken, maar die opvatting krijgt nu wel breder aanhang, en dat heeft mij hier in Utrecht juist erg geholpen. Hier is de ruimte om zo te werken.”

Liever sturen vooraf dan toetsen achteraf

Souhail kwam in het vak Planning en Control terecht via de studie Accountancy. “Op de middelbare school had ik een leraar die zag dat ik goed was in wiskunde, economie en management & organisatie. Ik kon heel goed met die leraar overweg en volgde als vanzelfsprekend zijn advies op om Accountancy te gaan studeren. Maar gedurende die studie kreeg ik eigenlijk pas in de gaten waar het allemaal toe diende en dat sprak mij steeds minder aan. Ik heb er wel geleerd te denken in risico’s en het beheersen van die risico’s. Dat helpt om voorstellen en processen positief, vanuit kansen, te benaderen. Na mijn studie heb ik nooit in de accountancy gewerkt. Ik denk dat ik daar doodongelukkig zou zijn geworden. Sturen vooraf ligt mij beter dan toetsen achteraf. Met de wijsheid van nu zou ik liever geschiedenis of psychologie hebben willen studeren, dat lijkt me superinteressant. Of filosofie.”

Steeds spannend

Je bent na een stevige procedure twee jaar geleden Jonge Ambtenaar van het Jaar geworden. De jury vond jou iemand die steeds spannend bleef, steeds wist te verrassen en met kop en schouders boven de anderen uitstak. Zoiets horen ouders graag. Zijn jouw ouders trots op jouw succes? Souhail: “Je positie heeft niets te maken met wel of geen succes hebben in het leven. Het gaat erom hoe je in het leven staat. Ik denk dat mijn ouders er trots op zijn dat ik gelukkig in het leven sta.” En je thuisfront? “Mijn vrouw heeft dezelfde studie als ik gevolgd, en is aanvankelijk ook daadwerkelijk gaan werken in de accountancy. Maar zij heeft nu ook de overstap gemaakt naar een ander vak. Dan begrijp je elkaar heel goed en dat is natuurlijk essentieel voor een evenwichtige thuissituatie.”

Voor de stad iets goeds doen

“Naast het spirituele is het fysieke voor mij ook belangrijk, ik zorg ervoor goed in conditie te blijven. Ik zou wel bij Barcelona hebben willen spelen, maar dat zat er helaas niet in. Ik vraag me wel eens af of ik dan gelukkiger zou zijn geworden. Nu doe ik vrijwilligerswerk en help ik hier in Utrecht jongeren die het moeilijk hebben. Ik houd van deze stad en wil juist voor de mensen hier iets goeds doen. Ik breng ook op die manier mijn eigen motto ‘’add yourself’’ in de praktijk.” Ben je ook bestuurlijk actief? “Daar ben ik heel terughoudend in, want elke organisatie heeft vroeger of later met de gemeente te maken, dus dan is er al gauw spanning met mijn positie hier.”

Pen en papier

Wat betekenen de nieuwe media voor jou? “Natuurlijk kan ik niet zonder het internet. Dat is onder andere een belangrijke bron om ook professioneel up to date te blijven. Met het oog op mijn netwerk gebruik ik LinkedIn maar ik doe relatief weinig met nieuwe media. Ik zit bijvoorbeeld niet op Facebook. Het voelt niet goed om mezelf steeds in de schijnwerpers te zetten. Ook kijk ik weinig tv. Dat geeft een zekere mate van rust. Wel houd ik erg van pen en papier, kranten, boeken. Voor mij geeft dat een verrijking die je inzichten ruimer maakt. Neem het boek Homo Sapiens, het geniale boek van Yuval Noah Harari, dat ik onlangs heb gelezen. Ik ben nu een Arabisch boek uit de zesde eeuw aan het lezen dat eigenlijk dezelfde boodschap uitdraagt, maar dan uiteraard vanuit een heel andere context. Kennis nemen van zulke inzichten, daar word je echt wijzer van en daar neem ik graag de tijd voor.

Blijven werken voor de publieke sector

Welke carrièrestap denk je over een jaar of vijf gemaakt te hebben? “Daar heb ik echt nog geen enkel idee over. Wat ik wel kan zeggen is dat ik zeker zal blijven vasthouden aan de principes die ik als manager hanteer. Heel simpel: Wat je niet wilt dat jou overkomt, doe dat ook een ander niet aan. Wat je voelt, denkt en zegt, moet met elkaar in harmonie zijn, er moet congruentie zijn. En wat ik ook zeker weet is dat ik in ieder geval voor de publieke sector blijf werken. Als je weet dat je de goede dingen doet, levert dat veel energie op. Ik wil blijven waar ik voor sta: authentiek zijn – dus onafhankelijk denken –, ruimer durven te denken dan de vaste patronen en dromen: ambitieus zijn en de lat altijd weer iets hoger leggen om toegevoegde waarde te geven. Ik wil mezelf blijven ontwikkelen, ook in mijn vak. Want ja, uiteindelijk moet je natuurlijk wel je brood verdienen.”

Download het interview of ga naar Talent aan het woord voor een overzicht van alle interviews in de reeks.

PublicSpirit