Floris Koopman, geboren als toezichthouder

Talent aan het woord: Dat is het thema van PublicSpirit voor 2018. Welke mensen maken al jong het verschil? Wat drijft hen; hoe realiseren ze hun ambities? Hoe gaan ze om met hun grote verantwoordelijkheden? We geven in het komende jaar het woord aan tien jonge succesvolle vrouwen en mannen die werkzaam zijn in de werkvelden waarvoor PublicSpirit zich inzet. We verheugen ons erop hun inspirerende verhalen aan u te presenteren op onze website. We geven het woord aan Floris Koopman. Lees het interview hier of download de pdf. Ga naar Talent aan het woord voor een overzicht van alle interviews in de reeks.

Floris KoopmanAl in zijn studententijd daagde het: Floris Koopman zou zich ontwikkelen tot toezichthouder. Naast zijn full time functie als ‘head of legal corporate finance’ van Siemens Nederland is hij, nog maar 35 jaar jong, inmiddels toezichthouder bij drie organisaties: CAV (een organisatie op het gebied van schuldhulpverlening), de Leidse scholengroep Leonardo da Vinci en DUWO, de grootste studentenhuisvester van Nederland. Niet via het ‘old-boys’-netwerk, maar gewoon via sollicitaties, in het geval van DUWO via Public Spirit. Floris juicht het toe dat er een verjonging komt in de Nederlandse raden van toezicht. “De vijver waarin je vist om talent te vinden is daardoor groter, en jonge mensen leveren veelal een andere bijdrage. Ze bieden een extra perspectief door hun recente opleiding, zijn flexibel, enthousiast en leergierig. Meestal komen ze binnen via een open sollicitatieprocedure; dat bevordert hun onafhankelijkheid.”

Waar komt jouw fascinatie voor de dynamiek in de relatie tussen een organisatie en haar toezichthouders vandaan?

“Al heel jong hield het mij bezig. Niet zo gek, want ook mijn vader was lid van diverse raden van commissarissen. Die interesse werd nog sterker door de discussies rondom het werk van de Commissie Tabaksblatt in 2004 met betrekking tot de corporate governancecode. In ben er in mijn studie Nederlands Recht ook op afgestudeerd. Ik begon mijn carrière in de advocatuur, vervolgens ben ik overgestapt naar het bedrijfsleven. Na zo’n 8 jaar werkervaring besloot ik om op zoek te gaan naar toezichtfuncties. Dat ging via reguliere searchadvertenties, stap voor stap naar steeds grotere organisaties.

In welke mate voel je je betrokken bij een organisatie als toezichthouder?

Ik word altijd gedreven door een grote nieuwsgierigheid. Ik wil van alles weten van zo’n organisatie. Niet over alleen de bestuurlijke procedures, die leer je snel genoeg. Maar ook van waar die club zich inhoudelijk mee bezighoudt. Bij DUWO bijvoorbeeld wil ik liefst het naadje van de kous weten van de corporatie- en vastgoedsector. Het liefst sta ik er dan met de laarzen in de modder bij wanneer de schop de grond in gaat bij een nieuw project. Maar uiteindelijk gaat het bovenal altijd om de mensen: bij DUWO zit ik in de Raad als vertegenwoordiger van de huurders, met hen kan ik me goed vereenzelvigen. Bij de scholengroep zou ik me graag meer verdiepen in het hoe en waarom van het onderwijs, dus niet alleen organisatorisch maar ook inhoudelijk-filosofisch. En: wat voor mensen werken er, hebben zij hart voor de zaak en kunnen zij zich voldoende ontplooien? Dat is immers essentieel voor goed onderwijs.

Vind je het lastig om je onafhankelijkheid in praktijk te brengen?

Die voeling met de materie is volgens mij een grote pre om goed als toezichthouder te functioneren. Het gaat niet zozeer om incidenten en details, maar meer om het conceptueel en strategisch denken. De technische zaken, zoals het analyseren van een jaarrekening, daar rol je vanzelf in. Waar je echt beter van wordt en wat je ook in staat stelt om een steeds effectieve en onafhankelijke bijdrage te leveren, dat is de betrokkenheid bij de inhoud. Mijn dreigende valkuil is overigens dat de afstand tot de bestuurder te klein zou kunnen worden, dat ik te veel mee zou denken over de bedrijfsvoering. Door je bewust te zijn van die verleiding is er niets aan de hand, integendeel, het geeft enorm veel dynamiek. Wat ik ook heel intrigerend vind zijn de verschillen tussen een familiebedrijf en andere bedrijven, en tussen maatschappelijke organisaties en puur commerciële bedrijven. Alhoewel, elk zichzelf respecterend bedrijf maakt ook serieus werk van zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid. Dat heb ik in perfectie gezien bij DSM en Siemens. Daarom let je als toezichthouder ook sterk op zaken als energiebronnen en het HRM-beleid. Uiteindelijk hebben alle stakeholders, ook aandeelhouders, baat bij een bestendige bedrijfsvoering.

Waar moet je in jezelf op sturen om een goede toezichthouder te zijn?

Het gaat om reflecteren. Daar heb je tijd en afstand voor nodig. Je moet je niet alleen maar richten naar de – veelal procedurele en bedrijfseconomisch georiënteerde – informatiestroom vanuit het bedrijf, maar ook de meer ‘zachte’ aspecten van het bedrijf opbouwend-kritisch volgen. Mensen overtuigen met argumenten, nooit affronterend stelling nemen. En oog houden voor innovatie, vooral op de grote lijnen. Over de IT-ontwikkeling bijvoorbeeld: niemand weet waar het precies naar zal leiden, maar dat die invloed steeds groter wordt, is duidelijk. Je moet dus ruimte creëren om ook vernieuwend na te denken, bijvoorbeeld over andere relaties tussen werk en resultaat. Want waar staat dat de menselijke inspanning voor altijd uit een werkweek van 40 uur moet bestaan?

Je hebt een fulltime baan functie bij Siemens, bent toezichthouder bij drie organisaties, en je hebt een jong gezin, hoe doe je dat allemaal?

Het kost veel tijd, maar ik ervaar dat niet als een belasting. ’s Avonds probeer ik zo vaak mogelijk bij het avondeten en het naar bed brengen van de kinderen te zijn. Daarna ben ik meestal nog een paar uurtjes bezig met werk, het voorbereiden van vergaderingen of met studeren. Ik moet erbij zeggen dat dit kan omdat mijn vrouw niet werkt, zij neemt het leeuwendeel van de opvoeding en verzorging van de kinderen voor haar rekening. We zijn beiden erg tevreden met deze taakverdeling. Later wordt het misschien wel weer anders, maar dat zien we dan wel weer. Ik vind het in algemene zin belangrijk dat vrouwen hun kwaliteiten kunnen besteden aan een carrière voor zover ze dat willen. Het doel is denk ik niet dat mannen en vrouwen gelijk zijn, maar dat de omstandigheden voor mannen en vrouwen gelijk zijn. Als we kijken naar de Scandinavische landen, dan kunnen maatschappij en overheid nog wel wat verbeteringen in die omstandigheden aanbrengen, bijvoorbeeld een ruimer vaderschapsverlof na de geboorte. Wanneer beide ouders in gelijke mate gebruik kunnen maken van voorzieningen zijn we al een stap verder. In ons individuele geval vonden wij dit de beste oplossing. Ik ben me ervan bewust dat ik daardoor naast mijn baan ook tijd in het extra werk als toezichthouder kan investeren. Extra energie kost het mij eigenlijk niet, omdat het zoveel voldoening geeft.

Hoe zie je je verdere loopbaan voor je?

Ik zou ooit ook nog aan de andere kant van de bestuurstafel willen zitten, als uitvoerend bestuurder. Maar de komende jaren zit ik goed bij Siemens, er zijn meer dan genoeg uitdagingen. Ook in mijn rol als toezichthouder wil ik graag groeien. Daarom ben ik continu bezig met mijn ontwikkeling, op dit moment bijvoorbeeld op financieel en IT-gebied.  Het lijkt mij fantastisch die nieuw opgedane kennis toe te kunnen passen als toezichthouder.

Download het interview of ga naar Talent aan het woord voor een overzicht van alle interviews in de reeks.

PublicSpirit